ANALYSE · KENNISBIEB COC NEDERLAND
Wat staat er concreet in de Kennisbieb van COC Nederland?
COC Nederland biedt scholen een Kennisbieb met handleidingen, lesbrieven, werkvormen en boekenlijsten voor het primair onderwijs. Hieronder staan twaalf concrete voorbeelden uit dat materiaal. We citeren of beschrijven steeds zo precies mogelijk wat er in de bron staat, voor welke leeftijd het materiaal bedoeld is en waarom wij daar bezwaar tegen hebben.
Niet alle voorbeelden zijn even zwaar en niet alles is nog actueel. Daarom maken we zichtbaar wanneer een voorbeeld uit ouder materiaal komt en benoemen we ook relevante nuanceringen uit de bron. De kritiek richt zich op de concrete werkvorm of formulering, niet op mensen vanwege hun seksuele gerichtheid, genderidentiteit of aangeboren variatie in de geslachtsontwikkeling.
Filter op leeftijd
12 voorbeelden
01
Kinderen krijgen de vraag hoe zij zouden heten als zij geen meisje of jongen waren
In een les over namen stelt de handleiding aan de hele groep de vraag: “Weet jij misschien ook hoe je zou heten als je geen meisje of jongen was?” Daarbij wordt uitgelegd dat sommige mensen een andere naam kiezen wanneer zij erachter komen dat zij geen meisje of jongen zijn.
Kern van het bezwaar: Een algemene les over namen en cultuur krijgt zo voor ieder kind een persoonlijke vraag over een non-binaire identiteit, terwijl dat niet nodig is om het lesdoel te bereiken.
Wat staat er in het materiaal?
De les gaat over de betekenis en herkomst van namen. De leerkracht bespreekt dat mensen soms een andere naam gebruiken dan de naam die zij bij hun geboorte kregen. Daarna volgt de klassikale vraag hoe de leerlingen zouden heten als zij geen meisje of jongen waren. Als voorbeelden noemt de handleiding onder meer een aanpassing van een bestaande naam. Op het bijbehorende werkblad schrijven leerlingen hun naam, de herkomst ervan, een fantasienaam en eventuele bijnamen. Het werkblad verplicht hen niet om de klassikale vraag schriftelijk te beantwoorden.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- De vraag wordt aan de hele groep gesteld en maakt een persoonlijke identiteitshypothese van een lesonderdeel.
- Kinderen kunnen ervaren dat van hen een persoonlijk of origineel antwoord wordt verwacht, ook wanneer zij niets met de vraag kunnen of willen.
- Hetzelfde lesdoel — nadenken over namen, taal en cultuur — kan worden bereikt zonder ieder kind zichzelf buiten de categorie meisje of jongen te laten voorstellen.
Wat is de relevante nuance?
De les schrijft geen bepaald antwoord voor. Ook is het onderwerp namen breder dan genderidentiteit. Ons bezwaar geldt specifiek de gekozen klassikale vraag, niet het bespreken van naamsverandering op zichzelf.
Hoe kan het beter?
Bespreek aan de hand van fictieve personen waarom mensen een roepnaam, bijnaam of nieuwe naam kunnen gebruiken. Wie vrijwillig iets over de eigen naam wil vertellen, kan dat doen zonder dat de hele groep een persoonlijke identiteitshypothese krijgt voorgelegd.
02
De handleiding raadde een open debat over het hele onderwerp af
In het Paarse Vrijdag-werkboek uit 2021 kregen leerkrachten het advies om over seksuele en genderdiversiteit geen open discussie of debat te voeren. De handleiding adviseerde vooral de betekenis uit te leggen en empathie te stimuleren.
Kern van het bezwaar: Door een breed onderwerp vooraf buiten open discussie te plaatsen, verdwijnen ook gewone feitelijke, pedagogische en morele vragen uit het gesprek.
Wat staat er in het materiaal?
De handleiding uit 2021 raadt een open discussie of debat over seksuele en genderdiversiteit af. In latere handleidingen is deze formulering versmald: daarin staat dat over de mensenrechten van minderheden niet wordt gedebatteerd.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Respect en veiligheid voor leerlingen hoeven niet ter discussie te staan, maar dat betekent niet dat iedere vraag over begrippen, lesinhoud of mensbeelden gesloten moet worden behandeld.
- De formulering uit 2021 maakt onvoldoende onderscheid tussen het bestaansrecht van mensen en bespreekbare vragen over taal, sekse, identiteit en pedagogiek.
- Een leerkracht heeft juist handvatten nodig om vragen zorgvuldig te onderzoeken zonder dat een gesprek onveilig wordt.
Wat is de relevante nuance?
De formulering is in later materiaal duidelijker en smaller gemaakt. Het huidige advies richt zich op de mensenrechten van minderheden. Dit voorbeeld is daarom vooral van belang om te laten zien hoe de didactische lijn zich heeft ontwikkeld.
Hoe kan het beter?
Maak expliciet onderscheid tussen twee zaken: de gelijke waardigheid en veiligheid van ieder mens staan vast; feitelijke claims, begrippen, beleidskeuzes en pedagogische aanpakken mogen zorgvuldig worden onderzocht en besproken.
03
Leerlingen worden zonder waarschuwing ongelijk behandeld
In de lesbrief Samen in de samenleving verdeelt de leerkracht leerlingen willekeurig in twee groepen. Tijdens een ogenschijnlijk gewone activiteit wordt de ene groep bevoordeeld en de andere benadeeld. Pas daarna wordt verteld dat de ongelijke behandeling bij de oefening hoorde.
Kern van het bezwaar: De les gebruikt misleiding en echte ongelijke behandeling in de klas om een gevoel van onrecht op te roepen, zonder voorafgaande waarschuwing of zichtbare uitwijkmogelijkheid.
Wat staat er in het materiaal?
De leerkracht maakt willekeurig twee groepen. De ene groep krijgt voordelen; leerlingen uit de andere groep worden bijvoorbeeld overgeslagen of moeten blijven staan. Volgens de lesbrief moet de activiteit aanvankelijk gewoon lijken. De willekeurige indeling is bedoeld om het ervaren onrecht te versterken. Na ongeveer tien minuten volgt de onthulling en wordt de ervaring nabesproken.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Leerlingen kunnen niet vooraf kiezen of zij aan de emotionele proef willen deelnemen, omdat het werkelijke doel voor hen verborgen blijft.
- Een leerkracht zet de eigen gezagspositie in om kinderen daadwerkelijk verschillend te behandelen.
- De oefening kan bij leerlingen met ervaringen van uitsluiting, pesten of onveiligheid harder aankomen dan bedoeld.
- Een nabespreking achteraf neemt de tijdens de oefening ervaren vernedering of onzekerheid niet automatisch weg.
Wat is de relevante nuance?
De indeling is willekeurig en de lesbrief schrijft een nabespreking voor waarin gevoelens centraal staan. Het doel is leerlingen onrecht te laten herkennen, niet om één bestaande groep in de klas te stigmatiseren.
Hoe kan het beter?
Gebruik een verhaal, casus, bordspel of rollenspel waarvan het doel vooraf duidelijk is. Leerlingen kunnen dan ongelijkheid onderzoeken zonder dat de leerkracht hen onverwacht werkelijk ongelijk behandelt.
04
Een lam dat volgens de dierenarts nooit een lam was
De COC-boekenlijst beveelt Het lammetje dat een varken is aan vanaf vier jaar en omschrijft het als een transgenderprentenboek. In het verhaal zegt een lammetje dat het een varken is. Een dierenarts concludeert vervolgens dat het dier eigenlijk nooit een lam was, waarna de vacht wordt afgeschoren en de staart wordt gekruld.

Kern van het bezwaar: Een complexe menselijke identiteitsvraag wordt verbeeld als een vergissing in diersoort die een deskundige vaststelt en met uiterlijke aanpassingen oplost.
Wat staat er in het materiaal?
De boekenlijst beveelt het prentenboek aan voor jonge kinderen. De beschrijving verbindt het verhaal expliciet met transgender zijn. In het verhaal speelt de dierenarts een beslissende rol: die vertelt dat het dier geen lam maar een varken is en past het uiterlijk daarop aan.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Lam en varken zijn verschillende diersoorten. Dat is geen heldere vergelijking voor het onderscheid tussen sekse en genderidentiteit bij mensen.
- De rol van de dierenarts kan de indruk wekken dat een deskundige iemands innerlijke identiteit objectief vaststelt.
- Het scheren van de vacht en krullen van de staart koppelt erkenning sterk aan een uiterlijke verandering.
- Voor kinderen vanaf vier jaar blijft de grens tussen fantasieverhaal en uitleg over mensen gemakkelijk onduidelijk.
Wat is de relevante nuance?
Het gaat om een literair verhaal dat herkenning en acceptatie wil bieden. De boekenlijst is een aanbeveling; het boek is geen verplichte COC-les en een leerkracht kan het met aanvullende uitleg gebruiken.
Hoe kan het beter?
Als het boek wordt voorgelezen, benoem dan uitdrukkelijk dat mensen niet van diersoort veranderen en dat het verhaal een metafoor gebruikt. Kies bij uitleg over mensen voor concrete, leeftijdsgerichte taal zonder een medische deskundige als beslisser over iemands identiteit neer te zetten.
05
Kleuters maken hun thuissituatie zichtbaar met hun lichaam
In de les bij het prentenboek Een zee van liefde bewegen kleuters door het lokaal op basis van hun thuissituatie. Zij krijgen onder meer opdrachten over wonen bij één of twee ouders, wonen in één of twee huizen, twee moeders of vaders hebben en iemand in huis die zich de ene dag meisje en de andere dag jongen voelt.
Kern van het bezwaar: Persoonlijke informatie over kinderen en hun gezinsleden wordt door een fysieke, voor iedereen zichtbare reactie in de klas openbaar gemaakt.
Wat staat er in het materiaal?
De kinderen lopen of bewegen naar een aangewezen plek wanneer een omschrijving bij hun gezin past. Bij één opdracht draait een kind een rondje als iemand thuis zich de ene dag meisje en de andere dag jongen voelt. Wie zich in geen omschrijving herkent, krijgt eveneens een zichtbare beweging.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- De opdracht maakt gevoelige informatie over het gezin zichtbaar voor de hele groep.
- De informatie gaat niet alleen over het kind, maar ook over ouders, broers, zussen of andere huisgenoten die geen toestemming hebben gegeven.
- Niet meedoen is binnen een bewegingsspel eveneens zichtbaar en kan vragen oproepen.
- Jonge kleuters kunnen nog moeilijk overzien welke informatie over hun gezin privé hoort te blijven.
Wat is de relevante nuance?
De lesbrief vermeldt dat kinderen niet verplicht zijn persoonlijke informatie te delen. Dat is een waardevolle waarschuwing, maar die neemt de groepsdruk van een zichtbare bewegingsopdracht niet volledig weg.
Hoe kan het beter?
Bespreek verschillende gezinsvormen met fictieve dieren, poppen of prenten. Laat kinderen alleen vrijwillig iets over hun eigen gezin vertellen en bied een onopvallende mogelijkheid om een vraag over te slaan.
06
Van ieder kind een filmpje over familie en liefde
Een lesidee uit de handleiding van 2023 laat kinderen vragen beantwoorden over hun familie, liefde en wat zij zouden doen als zij de baas van de wereld waren. Als variant kan de leerkracht ieder kind afzonderlijk filmen en de opnamen samenvoegen tot één klassenfilmpje.
Kern van het bezwaar: Een speelse les kan zo veranderen in een blijvende verzameling van persoonlijke uitspraken van alle kinderen, zonder uitgewerkte afspraken over keuzevrijheid, toestemming, bewaren en delen.
Wat staat er in het materiaal?
De activiteit bevat vragen over familie, favoriete dingen, liefde en wensen voor de wereld. Bij een variant roept de leerkracht de kinderen één voor één naar voren, maakt van ieder kind een korte opname en monteert de fragmenten tot één filmpje.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Een video legt gezichten, stemmen en persoonlijke uitspraken blijvend vast.
- Doordat van “iedereen” een filmpje wordt gemaakt, kan weigeren voor een kind moeilijk voelen.
- De korte beschrijving geeft geen concreet protocol voor ouderlijke toestemming, bewaartermijn, toegang, verwijdering of extern delen.
- Antwoorden over familie en liefde kunnen meer prijsgeven dan een kind vooraf overziet.
Wat is de relevante nuance?
Het filmpje is een variant binnen de activiteit. De handleiding zegt niet dat het openbaar moet worden gedeeld. Een school kan bovendien eigen privacyregels en toestemmingsprocedures toepassen.
Hoe kan het beter?
Maak filmen volledig optioneel en vraag vooraf gerichte toestemming. Gebruik neutrale vragen, spreek af wie de opname ziet en verwijder het materiaal na een korte, vooraf vastgestelde termijn. De activiteit kan ook zonder camera worden uitgevoerd.
07
Een stier die zich vanbinnen meer koe voelt
In het gedicht WIJ komt een jonge stier voor die zich vanbinnen meer koe voelt. De bijbehorende lesbrief laat leerlingen het gedicht gezamenlijk voordragen en met stem, beweging en dierengeluiden uitbeelden.

Kern van het bezwaar: De metafoor gebruikt stier en koe — woorden die bij dieren direct naar het geslacht verwijzen — als uitleg voor een menselijke genderbeleving, zonder de grens van die vergelijking helder te maken.
Wat staat er in het materiaal?
Het gedicht presenteert verschillende dieren die op een bepaalde manier anders zijn. Een van hen is een jonge stier die zich meer koe voelt. De lesbrief maakt van het gedicht een gezamenlijke voordracht. Dierengeluiden vormen een onderdeel van die uitvoering.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Bij runderen duiden stier en koe concrete geslachtscategorieën aan. Daardoor kan de metafoor sekse en genderidentiteit door elkaar laten lopen.
- Het gebruik van dieren maakt het onderwerp toegankelijk, maar kan ook verhullen welke uitspraak precies over mensen wordt gedaan.
- Een gezamenlijk optreden laat weinig ruimte om eerst rustig te vragen wat kinderen denken dat de vergelijking betekent.
Wat is de relevante nuance?
Het gedicht beweert niet dat een dier lichamelijk verandert. Het is een literaire metafoor binnen een breder verhaal over verschil en erbij horen. De dierengeluiden horen bij de gehele voordracht; de lesbrief koppelt ze niet uitsluitend aan de passage over de stier.
Hoe kan het beter?
Bespreek expliciet dat het om beeldspraak gaat en vraag waar de vergelijking wel en niet opgaat. Leg begrippen over mensen rechtstreeks en zorgvuldig uit, in plaats van de dierenmetafoor zelf als uitleg te laten functioneren.
08
Ook jonge kinderen moeten hun gezin in kaart brengen
In een werkvorm tekenen jonge kinderen met cirkels wie bij hen thuis hoort. De handleiding benadrukt dat alle leerlingen bij de activiteit moeten worden betrokken en geeft aanwijzingen om de oefening aan te passen aan onder meer adoptie- en pleeggezinnen.
Kern van het bezwaar: Een klassikale opdracht maakt informatie over de gezinssamenstelling tot lesmateriaal en laat kinderen weinig vanzelfsprekende ruimte om die privé te houden.
Wat staat er in het materiaal?
De leerkracht brengt met cirkels in kaart wie in het huishouden van een kind woont en welke ouders of verzorgers daarbij horen. De handleiding vraagt aandacht voor verschillende gezinsvormen en zegt dat alle leerlingen bij de activiteit betrokken moeten worden.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Gezinssamenstelling kan gevoelige informatie bevatten over scheiding, pleegzorg, adoptie, overlijden, afwezigheid of conflict.
- De nadruk op deelname van alle leerlingen kan op gespannen voet staan met het recht van een kind om hierover niets te vertellen.
- Een jong kind kan niet altijd beoordelen welke informatie het namens andere gezinsleden deelt.
Wat is de relevante nuance?
De handleiding probeert verschillende gezinnen juist zichtbaar en herkenbaar te maken en geeft aanwijzingen voor aanpassing. De oefening hoeft niet automatisch te betekenen dat ieder kind alle informatie plenair presenteert. Ons bezwaar betreft de privacy die de basisopdracht van kinderen vraagt.
Hoe kan het beter?
Gebruik fictieve gezinnen om verschillen te bespreken. Als kinderen een eigen tekening maken, laat hen zelf bepalen wat zij opnemen en of iemand anders die te zien krijgt. Zeg vooraf duidelijk dat overslaan mogelijk is.
09
Portretten met woonsituatie worden opgehangen en geraden
In een les voor de middenbouw maken leerlingen in tweetallen een portret van elkaar. Bij de vragen hoort onder meer met wie de ander thuis woont. De portretten worden vervolgens in de klas opgehangen en gebruikt om te raden wie erop staat.
Kern van het bezwaar: Persoonlijke informatie over de woonsituatie komt terecht op zichtbaar klassenmateriaal, terwijl het doel — elkaar beter leren kennen — ook met niet-gevoelige vragen kan worden bereikt.
Wat staat er in het materiaal?
Leerlingen interviewen en tekenen elkaar. Een van de voorbeeldvragen gaat over met wie iemand thuis woont. Daarna worden de portretten opgehangen en bekijkt de klas bij wie de beschrijvingen horen.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Een vraag over de woonsituatie kan scheiding, pleegzorg, co-ouderschap, overlijden of andere kwetsbare omstandigheden zichtbaar maken.
- De informatie wordt niet alleen aan één klasgenoot verteld, maar kan door het ophangen onderdeel worden van een klassikale raadopdracht.
- Het antwoord betreft ook huisgenoten die zelf geen deelnemer aan de les zijn.
Wat is de relevante nuance?
De les biedt ruimte om onderdelen aan te passen en vraagt niet dat ieder antwoord uitgebreid wordt toegelicht. Het doel is verbinding in de groep. Juist daarom kan de gevoelige vraag eenvoudig worden vervangen zonder dat het lesdoel verloren gaat.
Hoe kan het beter?
Gebruik vragen over favoriete boeken, hobby’s, talenten, eten of dromen. Laat leerlingen vooraf zien welke informatie op het portret komt en geef hen het laatste woord over wat wordt opgehangen.
10
Zichtbaar paars dragen werd onderdeel van een wedstrijd
Het Paarse Vrijdag-werkboek uit 2021 riep scholen op zoveel mogelijk mensen zo paars mogelijk op de foto te zetten en die foto in te sturen. De winnende inzending kreeg een taart voor de hele school.
Kern van het bezwaar: Een collectieve beloning maakt zichtbare deelname minder vrijblijvend en de opdracht gaf weinig concrete waarborgen voor toestemming en privacy bij het insturen van de groepsfoto.
Wat staat er in het materiaal?
Scholen konden een foto insturen met zoveel mogelijk mensen, zo paars mogelijk gekleed. Aan de winnende foto was een taart voor de school verbonden. Een voorbeeldbrief voor ouders vermeldde wel dat het geen probleem was wanneer een kind geen paarse kleding droeg.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- De wedstrijd en schoolbrede beloning vergroten de sociale druk om zichtbaar mee te doen.
- Wie geen paars draagt of niet op de foto wil, kan binnen de groep opvallen.
- Bij het insturen van een groepsfoto zijn heldere afspraken nodig over toestemming, gebruik, opslag en publicatie; die staan niet uitgewerkt bij de oproep.
Wat is de relevante nuance?
Dit is historisch materiaal. In recentere ondersteuning legt COC meer nadruk op vrijwilligheid en het voorkomen van druk. Ook de ouderinformatie vermeldt dat paarse kleding niet verplicht is.
Hoe kan het beter?
Koppel geen prijs aan het aantal zichtbaar deelnemende mensen. Vraag afzonderlijke toestemming voor fotografie en voor iedere vorm van delen. Maak ook een activiteit mogelijk waarbij deelname niet zichtbaar hoeft te zijn.
11
Mensen worden een “mix van man en vrouw” genoemd
In een les rond Ranger Ravi staat dat er dieren zijn die een mix zijn van man en vrouw, en dat dit ook bij mensen zo is. Daarna bespreekt de handleiding variatie in afzonderlijke geslachtskenmerken, waaronder chromosomen en hormonen.
Kern van het bezwaar: De formulering “een mix van man en vrouw” verwart twee geslachtscategorieën met variatie in afzonderlijke lichamelijke kenmerken. De vergelijking met dieren met andere voortplantingssystemen maakt dat onderscheid niet duidelijker.
Wat staat er in het materiaal?
De les gebruikt voorbeelden uit het dierenrijk om lichamelijke variatie te bespreken. Daarbij wordt eerst gesproken over een “mix van man en vrouw”. In de verdere uitleg wordt dit uitgewerkt met verschillen in geslachtskenmerken, hormonen en chromosomen.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- “Man” en “vrouw” worden voorgesteld als bestanddelen die in één persoon gemengd kunnen zijn, terwijl de verdere uitleg feitelijk over afzonderlijke lichamelijke kenmerken gaat.
- Voorbeelden uit het dierenrijk kunnen biologische verschijnselen betreffen die niet één op één vergelijkbaar zijn met de menselijke ontwikkeling.
- De kernzin is eenvoudiger en stelliger dan de uitleg die erop volgt; juist die eerste formulering kan bij kinderen blijven hangen.
Wat is de relevante nuance?
De daaropvolgende tekst benoemt wel concrete soorten lichamelijke variatie. Aangeboren variaties in de geslachtsontwikkeling bestaan en verdienen een zorgvuldige, respectvolle uitleg. Zo’n lichamelijke variatie zegt op zichzelf niet hoe iemand zichzelf ziet of benoemt. De les is volgens de handleiding ontwikkeld met inhoudelijke betrokkenheid van belangenorganisaties.
Hoe kan het beter?
Leg concreet uit dat chromosomen, hormonen, geslachtsklieren en anatomie zich niet bij iedereen op de gebruikelijke manier ontwikkelen. Trek daaruit geen conclusie over iemands genderidentiteit. Gebruik alleen diervergelijkingen wanneer duidelijk wordt uitgelegd waar de vergelijking ophoudt.
12
“Sekse is een spectrum” wordt als uitgangspunt aangeboden
In achtergrondinformatie voor leerkrachten staat dat sekse een spectrum is of beter als spectrum kan worden gezien, waarop ieder mens een plaats heeft. Het materiaal presenteert dit als verklaringsmodel voor variatie in lichamelijke geslachtskenmerken.
Kern van het bezwaar: Een betwist en meerduidig model wordt als vaststaand uitgangspunt aangeboden, zonder scherp te definiëren wat precies op één spectrum wordt geplaatst.
Wat staat er in het materiaal?
De achtergrondtekst verwijst naar variatie in chromosomen, hormonen en lichamelijke kenmerken en concludeert dat sekse als spectrum moet of kan worden gezien. De formulering is bedoeld om leerkrachten begrippen aan te reiken.
Waarom vinden wij dit problematisch?
- Chromosomen, hormonen, inwendige organen en uitwendige kenmerken zijn verschillende eigenschappen; het materiaal legt niet uit hoe die samen één doorlopend spectrum vormen.
- Het woord spectrum kan suggereren dat man en vrouw slechts twee willekeurige punten op één schaal zijn, terwijl de menselijke voortplanting rond twee geslachten is georganiseerd en er tegelijk reële variaties in de ontwikkeling bestaan.
- Leerkrachten krijgen weinig zicht op het onderscheid tussen waarneembare biologische variatie en de keuze voor een bepaald theoretisch model.
Wat is de relevante nuance?
De passage is achtergrondinformatie voor leerkrachten en niet automatisch een zin die letterlijk aan jonge kinderen wordt onderwezen. Ook doet het bestaan van mannelijke en vrouwelijke voortplantingsorganen niets af aan het feit dat sommige mensen variaties in de geslachtsontwikkeling hebben.
Hoe kan het beter?
Beschrijf de afzonderlijke lichamelijke kenmerken precies en leg uit welke variaties kunnen voorkomen. Maak vervolgens zichtbaar dat “spectrum” een model of metafoor is, inclusief wat het model wel en niet verklaart.
Over deze selectie
Deze pagina bespreekt een beperkte selectie uit de Kennisbieb van COC Nederland. De voorbeelden zijn gekozen omdat de betreffende zin, opdracht of werkvorm concreet in het materiaal is terug te vinden. Waar materiaal is aangepast of een belangrijke nuance bevat, vermelden we dat. Bronnen kunnen door de aanbieder worden gewijzigd of vervangen; bij ieder voorbeeld staat daarom de gebruikte editie of het jaartal.